Het maken van de camera's had meer voeten in aarde dan de leerlingen aankonden. Met veel overgave en volharding maakten ze in vier weken allemaal een zo goed als lichtdichte doos. Maar dat bleek niet voldoende. Om het een echte camera te laten zijn moest het absoluut lichtdicht zijn. Een sluitertijd van enkele seconden, door een opening niet groter dan een speldenprik laat geen licht toe door een kiertje. Een foutje geeft al gauw meer licht dan het beeld door de speldenprik.
De lessen van Michiel gaven de leerlingen inzicht in de magie van de fotografie. Een fototoestel werd terug gebracht tot een zwarte doos, met een lichtgevoelige film erin. De leerlingen berekenen de sluitertijd in verhouding tot de opening. Een berekening die ze met z'n allen gemaakt hebben. I.p.v. een Lens wordt een piepklein gaatje gebruikt om het licht door te laten.
En dan het licht. Hoeveel licht is er om ons heen? Hoe weten we dat? Het is duidelijk dat er overdag meer licht om ons heen is dan 's nachts. Maar ook overdag wil het licht wel eens zwakker of intenser zijn zonder dat we dat misschien beseffen. In de zon is het lichter dan in de schaduw. Op een open grasveld of op een open plein is het lichter dan onder de bomen of in een steegje. Bij goed weer is het lichter dan bij slecht weer. Omdat onze ogen zich aanpassen aan het lichtniveau kunnen we daar dus niet op vertrouwen. We hebben een hulpmiddel nodig: een lichtmeter.
In de regel vertelt zo'n lichtmeter, ook wel belichtingsmeter genoemd, hoeveel licht er wordt teruggekaatst door het onderwerp dat we willen fotograferen. Op een zonnige dag zal de belichtingsmeter ons adviseren om in de plaats waar schaduw is: b.v. de schaduwkant van een huis of flat, 1/250 seconde te nemen. Midden in de zon kan dit wel 1/1000 seconde zijn. De doorsnede van het gaatje van de speldenprikcamera is behoorlijk klein. Er komt dus maar een heel klein beetje licht doorheen.
We kunnen uitrekenen hoeveel licht er doorheen komt en dus ook hoelang dat licht moet inwerken op ons filmpje van 400 ISO totdat hij iets "ziet". Het werd een belichtingstijd van 8 seconden. Wat gebeurt er als je binnen die acht seconden gewoon door het beeld loopt? Kun je wel 8 seconden stilstaan? De groepsfoto's die met de camera obscura gemaakt zijn laten het zien. Bij een groepsfoto zie je dat een leerling stil blijft staan gedurende 8 seconden, de rest is een vage groep, om van de stratenveger die vuil in een container staat te scheppen maar niet te spreken.
Een van de foto's laat een piepkleine foto zien. Een rond beeld. Hier is de film naar voren geschoven. De afstand tot de film is veel kleiner. De opname op de film is twee centimeter in doorsnede.
Het ontwikkelen van de film hebben de leerlingen ook meegemaakt. Het leek meer op toveren voor deze digitale kids. Ze waren buitengewoon onder de indruk van de techniek. Een mooie basis voor hun verdere ontwikkeling.